Boekbespreking: Alicja Gescinska, Vrouwen in duistere tijden. Tien denkers van blijvende betekenis, De Bezige Bij, 2025.
Alicja Gescinska (°1981) noemt zich in de openingszin van het boek een kind van de twintigste eeuw. In 1988 ontvluchtte haar familie het Poolse communisme, de dictatuur en de onvrijheid. Ze konden er niet aarden. De familie emigreerde. De geschiedenis van de twintigste eeuw én het verhaal van de tien bijzondere vrouwen – zowel hun levensloop als hun denken – leest als het verhaal van de totalitaire verleiding waar Europa onder gebukt ging. Het is het verhaal van het fascisme en het communisme, van de ontheemding, van de ontmenselijking, van het kwaad, van de haat en, nog erger, de onverschilligheid. Daartegenover plaatsen deze vrouwen vriendschap, betrokkenheid, engagement, hoop, geloof, moed, liefde, kunst en poëzie, vrijheid. Vrijheid in al haar vormen.
Vluchtelingen
De tien vrouwen leefden als immigranten. Ze waren op de vlucht voor de Russische Revolutie, de twee wereldoorlogen en de Koude Oorlog. Ze leefden tussen verschillende culturen en talen. Ze leefden in de bloedigste eeuw. Ze zijn getekend door het fascistische en communistische totalitarisme. In hun verhalen lezen we de geschiedenis van de Europese Joden en de Shoah. Maar ook de Sovjet Goelags. We ontdekken het culturele lappendeken van Centraal- en Oost-Europa. We geraken vertrouwd met de bewogen geschiedenis van haar Polen.
Gescinska laat de tien vrouwen zelf aan het woord: Rosa Luxemburg (1871-1919), Anna Achmatova (1889-1966), Edith Stein (1891-1942), Hannah Arendt (1906-1975), Martha Gellhorn (1908-1998), Simone Weil (1909-1943), Jeanne Hersch (1910-2000), Etty Hillesum (1914-1943), Barbara Skarga (1919-2009) en Judith Shklar (1928-1992). Ze stuurt hun denken niet in functie van haar eigen kijk, maar laat hun verhaal en hun denken tot haar doordringen, met alle paradoxen en verschillen in visies.
Het is moeilijk om bij het lezen van hun verhalen niet te denken aan hoe wij vandaag omgaan met asielzoekers in Europa en Amerika. In België weigeren we, tegen uitspraken van het Grondwettelijk Hof in, families onderdak te bieden. We maken wetten om ‘illegalen’ thuis op te pakken. Terwijl we geobsedeerd zijn door aanzuigeffecten, overlast en het behoud van onze identiteit en welvaart, missen we de empathie voor het verhaal van de migrant en zijn familie. Het is geen onbepaalde horde die ons overspoelt. Net als deze tien vrouwen heeft elke migrant een eigen verhaal, eigen trauma’s en eigen dromen. We schommelen ook nu tussen haat voor het vreemde en onverschilligheid voor families die op straat slapen. Wie bang is voor deze vergelijking, koopt best een ander boek.
Liberalisme
Wie het boek wel helemaal doorneemt, maakt kennis met wellicht de belangrijkste Belgische liberale filosofe van de laatste decennia. Gescinska’s werk is een zoektocht naar een definitie van vrijheid, ook in dit boek. Haar verhaal is het elfde portret. Ze bouwt verder op de klassiek geworden definities van negatieve vrijheid (de afwezigheid van inmenging in je leven door derden) en positieve vrijheid (de kansen en mogelijkheden om bepaalde zaken te realiseren in het leven). Ze voegt daar nog een derde definitie aan toe: de republikeinse vrijheid (de vrijheid om mee te beslissen). Gescinska neigt naar een eerder genuanceerde positieve en zelfs republikeinse invulling van vrijheid. Maar belangrijker dan een sluitende definitie – die er niet is – is dat we erover nadenken en ermee bezig zijn. Je beseft pas hoe belangrijk vrijheid is, ongeacht de exacte definitie, als ze er niet meer is. Dat heeft de twintigste eeuw ons moeten leren.
Alicja Gescinska schrijft in het Nederlands, helder en verhalend. Haar boeken zijn filosofisch en literair. Taal is belangrijk voor haar. Ze herhaalt trouwens ook dat totalitarisme en haat beginnen met taalgebruik, met woorden. Anderzijds wil ze de liefde voor haar thuistaal en cultuur overbrengen: het Pools. Ze leert ons de grote Poolse schrijvers en denkers kennen: Czesław Miłosz en Leszek Kołakowski.
We mogen hopen dat de komende jaren dit en andere boeken van haar hand vlot doorheen Europa vertaald zullen worden, zodat haar authentiek liberale denken een breed publiek vindt en het verhaal van deze tien vrouwen de plaats krijgt die ze verdienen in onze filosofie.
— Johan Basiliades