Hij stond er. Gisteren tijdens de WK-match tussen Congo en Colombia in Guadalajara stond de bekendste voetbalsupporter van Afrika eindelijk in de tribune. Lang had het er naar uitgezien dat Michel Nkuka Mboladinga’, beter bekend als ‘Lumumba (Vea)’, het WK niet zou halen. Hij zat in quarantaine omwille van de Ebola-epidemie. Die had de Congolese nationale ploeg – ‘Les Léopards’ – al eerder gedwongen hun WK-campagne in ons land voor te bereiden. (In het stadion van Standard werd op 3 juni tegen Denemarken geoefend.) Mboladinga is dé talisman par excellence. Hoewel de Congolese WK-selectie een hele reeks in ons land bekende spelers, zoals Sadiki, Epolo, Bongonda, Kayembe en Mbemba telt, bleek het opvallend genoeg hij die de meest besproken Congolees was tijdens de kwalificatiecampagne. Een supporter. Lumumba Vea groeide uit tot een fenomeen toen foto’s van hem tijdens de laatste Afrikacup en de WK-kwalificaties de wereld rondgingen. Mbodalinga staat elke wedstrijd 90 (of soms 120) minuten lang onbewogen in de tribunes, verkleed als Patrice Lumumba. Voor de supporter, die zo al sinds 2013 de wedstrijden van Congo animeert, is het een patriottische daad. Nu de moord op Lumumba nog niet zo lang geleden opnieuw in het nieuws kwam door de kwestie van de recent overleden Etienne Davignon, onderstreept Mbodalinga’s stukje performance art volop de bedenkelijke link tussen het Congolese voetbal en Belgische kolonialisme.
Zoals elders in Afrika, werd het voetbal in Belgisch Congo door kolonisatoren en missionarissen geïntroduceerd. In de woorden van Scheutist Raphaël de Kethulle (1890-1956) moest voetbal de verleidingen van ‘het immorele gedans, de obscene gezangen en de orgieën’ tegengaan. Maar voetbal werd van meet af ook een instrument om de koloniale hiërarchie te benadrukken. Congolese voetballers moesten jarenlang blootsvoets spelen. Elftalfoto’s uit de jaren ’40 tonen spelers die hun veters in hun sokken stopten, omdat niemand hen ooit geleerd had die te knopen… De Britse sportsocioloog David Goldblatt omschreef Belgisch Congo eind jaren ’50 als ‘een natie waarin voetbal en de Kerk, gekoppeld aan sociale controle en geweld, de centrale ingebedde erfenis waren van de Europese aanwezigheid’
Ironisch genoeg zou voetbal die koloniale orde helpen doorbreken. In de lente van 1957 reisde een selectie uit Leopoldville af naar ons land voor een tournee, die massa’s volk naar de Belgische stadions lokte. (Al kregen de spelers soms ook bananenschillen naar het hoofd geworpen…) De tournee werd in Congo met bijzonder veel aandacht gevolgd. Bij hun terugkeer werden de spelers als helden ontvangen. Datzelfde team zou enkele weken later in Leopoldville een historische wedstrijd spelen tegen Union Saint-Gilloise, dat op zomertournee in de kolonie was. 60.000 toeschouwers zagen er voor de eerste keer een Europees elftal voetballen tegen een volledig Afrikaans elftal… Toen de Europese scheidsrechter twee Congolese doelpunten onterecht afkeurde, braken er rellen uit, waarbij 132 gewonden vielen. Het waren de eerste gewelddadige uitbarstingen in de Congolese Onafhankelijkheidsstrijd, de Dipenda.
De tournee had nog een ander gevolg. Belgische clubs – attent gemaakt op het feit dat daar best wel aardige spelers rondliepen in de kolonie- begonnen zonder boe of ba beloftevolle Congolezen naar België te halen. Gratis of voor een habbekrats. De voetbalbond van Kivu kloeg de roofpraktijken aan bij de Belgische voetbalbond, maar werd genegeerd. De lokale Congolese bonden waren niet aangesloten bij de FIFA; schadeclaims hadden dus geen zin. Sommige ‘Belgicains’ werden een schot in de roos, zoals Mokuna (La Gantoise), Bonga Bonga (Standard), Assaka en Mayunga (Daring), Lolinga (Sint-Truiden) en Kialunda (Union, nadien bij Anderlecht)…
Terwijl de Dipenda ontaardde, met de moord op Lumumba als macaber dieptepunt, profiteerden Belgische voetbalclubs van het ontstane vacuüm om nog snel tientallen Congolese voetballers te transfereren. Sommigen onder hen belandden hier in de marginaliteit, toen ze toch niet zo beloftevol bleken als gedacht… De spelers werden niet zelden naar België gelokt met de belofte op jobs en opleidingen naast hun voetbalcarrière. Maar regelmatig bleven die uit…
Zaïrisatie
De Afrikaanse dekolonisatiegolf vanaf de jaren ’50 bracht het voetbal op het continent in een nieuwe versnelling. Dat gebeurde onder andere via de Coupe Afrique des Nations die voor de eerste keer georganiseerd werd in 1957. Ruim die jaar voor het Europees Kampioenschap het levenslicht zag… En zes jaar voor op politiek vlak de Afrikaanse Unie het levenslicht zag. Onder impuls van leiders zoals de Ghanese president Kwame Nkrumah en zijn Pan-Afrikanisme werd voetbal een manier om de nieuwgevormde naties eenheid en identiteit te bezorgen.
Mobutu sprong mee op de boot. Na zijn staatsgreep in 1965, ging het Genie van Gbadolite sport gebruiken om zijn land internationaal op de kaart te zetten. In 1966 stuurde hij een gezant met een enorme zak geld naar België. Doel: de ‘Belgicains’ bij hun clubs wegkopen. In Mobutu’s Congo moesten ze het voetbal naar een hoger niveau tillen… De meeste clubs gingen er graag op in… De Belgicainhype was intussen toch al gaan liggen. Eens terug in Congo, bleken de betrokken spelers vaak al over hun hoogtepunt heen…
Mobutu’s investeringen in het voetbal leverden wel tijdelijke glans op. Een Afrikacup in 1968 en nog eentje in 1974. Nauwelijks enkele maanden later stond zijn intussen tot Zaïre omgedoopte land ook op haar allereerste WK. Maar in West-Duitsland bracht de Afrikaanse kampioen er niks van terecht. De Zaïrezen verschenen doodnerveus aan de aftrap, na wanbetaling en dreigementen vanwege het regime. Het team verloor al zijn groepswedstrijden. Soms op knullige wijze. Beelden van verdediger Mwepu Ilunga die op non-conformistische wijze een bal wegtrapte bij een vrije trap, gingen de wereld rond… Hoewel uiteindelijk niemand –zoals vooraf gevreesd- voor de krokodillen werd gegooid, droogden na het mislukte WK de investeringen in het voetbal op. Terwijl het regime wel nog ettelijke miljoenen spendeerde om Muhammad Ali en Georges Foreman in Kinshasa tegen elkaar te laten boksen… Maar de desintegratie van het land was intussen al ingezet. En Zaïre zakte als Afrikaanse voetbalgrootmacht helemaal weg…
Mbodalinga’s aanwezigheid hielp niet. Congo verloor met 1-0 van Colombia en werd uitgeschakeld. Toch toont ‘Lumumba Vea’ met zijn ‘performance’ op het WK; bewegingloos, balancerend op het snijpunt van het absurde en het bewonderenswaardige, vooral dat voetbal in Congo altijd al meer geweest is dan louter een spel. Het is levende herinnering, een echo van het kolonialisme en nog altijd een gevecht om waardigheid te herwinnen.